|
A |
|
|
@ = Apestaartje |
Het apestaartje, @,
staat in een e-mailadres tussen de loginnaam en het
domein. Het wordt uitgesproken op z'n Engels als
'at'. |
|
Accessprovider |
Een toegangsverschaffer
tot het Internet. |
|
Account |
Een account is een
abonnement bij een provider of een website. Uw
account is beveiligd met uw loginnaam en uw
persoonlijke wachtwoord.
Omdat het wachtwoord geheim is, kan alleen u het
account gebruiken om toegang te krijgen tot
persoonsgebonden diensten, zoals verlanglijstjes of
vorige bestellingen bij webwinkels. |
|
ADSL |
Asymmetric Digital
Subscriber Line. Een techniek voor supersnel
Internetten via een gewone telefoonlijn. De maximale
snelheden zijn afhankelijk van de afstand tussen de
gebruiker en de telefooncentrale. |
|
Applet |
Klein java programma dat
wordt uitgevoerd in een webpagina. Het laden van een
applet kost soms veel tijd. |
|
Attachment |
Een digitaal
tekstbestand of andersoortig document (bijvoorbeeld
een plaatje) dat u als 'bijlage' meestuurt met een
e-mailbericht. |
|
Authenticatie |
De procedure waarmee de
identiteit en/of de toegangsrechten van een
gebruiker worden gecontroleerd, nadat deze zijn
gebruikersnaam en wachtwoord bij de computer heeft
opgegeven. |
|
B |
|
|
Backbone |
Letterlijk de
ruggengraat van het internet: de hoofdkabels
waardoor informatie over lange afstanden wordt
vervoerd. Ook zijn het op een lager niveau
verbindingskabels tussen providers. |
|
Backslash |
De omgekeerde schuine
streep \ van linksboven naar rechtsonder. |
|
Backspace |
Letterlijk: een spatie
terug. Een veelgebruikte toets om correcties aan te
brengen. Toets op het toetsenbord waarmee de tekens
links van de cursor verwijderd kunnen worden. De
toets is vooral bedoeld om typefouten snel te kunnen
corrigeren. |
|
Back-up |
Reservekopie van een
bestand, een directory of een complete harde schijf.
Voorkomt verlies van gegevens als iets defect raakt. |
|
Bandbreedte of bandwidth |
De maximale hoeveelheid
gegevens die per tijdseenheid tegelijk via een
verbinding kan worden verzonden of ontvangen. Dus
eigenlijk de capaciteit voor het doorgeven van
signalen. |
|
Banner |
Een banner is een
grafische reclame-uiting op het internet. Door op
een banner te klikken wordt een pagina geopend waar
meer informatie over het geadverteerde te vinden is.
Een banner bestaat veelal uit een JPG-, GIF- of
Flashbestand met standaard afmetingen dat in de
browser getoond wordt. Door gebruik te maken van
kleur en animaties wordt geprobeerd de aandacht van
mensen te trekken. Met name Flash leent zich daar
goed voor, de animaties kunnen reageren op de
positie van de muis waardoor een heel hoge vorm van
interactie met de bezoeker mogelijk is.
De websites waar banners getoond worden, kunnen hier
een financiële vergoeding voor ontvangen van de
adverteerder. Dit kan zijn op basis van een aantal
dingen:
-
het aantal keer dat
een advertentie getoond wordt;
-
impressies: aantal
keer dat op een banner geklikt wordt;
-
click-throughs: het
aantal transacties dat voortkomt uit een banner
of een percentage van het transactiebedrag.
Banners worden ook
centraal verzorgd door marketingbedrijven. Deze
bedrijven hebben een veelvoud aan
advertentiecampagnes tegelijk lopen. Op basis van
IP-adres, cookies of andere informatie kunnen
banners heel specifiek aan bepaalde doelgroepen
gericht worden. Het hele concept van Googles Gmail
werkt op dit principe. Op basis van iemands e-mailverkeer
worden banners getoond die naar verwachting
overeenkomen met interessegebieden van deze persoon.
Ook kunnen banners op een website geplaatst worden
zonder enige financiële vergoeding. Dit kan zijn uit
protest tegen iets (bijvoorbeeld: het Anybrowser-project),
of om een organisatie vrijwillig te steunen.
Door veel mensen worden banners als hinderlijk
ervaren. Er wordt steeds gezocht naar meer extreme
vormen om op het internet te adverteren. Niet alleen
worden banners steeds pompeuzer en komen ze
veelvuldig voor, ook bedienen adverteerders zich van
'pop-up' en 'pop-under' schermen om de
reclameboodschappen prominent onder de aandacht te
brengen. |
|
Bcc |
Blind carbon copy. Als u
dit veld invult kunt u iemand een kopie sturen
zonder dat de geadresseerde dit weet. |
|
Bestandsextensie |
De naam van een
computerbestand bestaat meestal uit een woord
gevolgd door een punt en (meestal) 3 letters. Het
deel achter de punt geeft doorgaans aan wat het type
van de inhoud van het bestand is en door welke
programma's het bestand gebruikt kan worden. Enkele
voorbeelden: demo.doc is een bestand dat geopend kan
worden door (o.a.) Microsoft Word, demo.xcl kan (o.a.)
geopend worden door MS Excel. |
|
Besturingssysteem |
Het besturingssysteem
(of operatingsystem) van een computer is de
programmatuur die de hardware in de computer
aanstuurt. |
|
Bookmark |
Bladwijzer. Favoriete
internetpagina's kunnen worden vastgelegd in een
lijst, zodat ze met een muisklik snel kunnen worden
teruggevonden. |
|
Browsen |
Letterlijk: bladeren.
Een programma om rond te kijken op de vele pagina's
van het World Wide Web wordt daarom browser genoemd. |
|
Browser |
Een programma om
websites mee te bekijken. Met de browsers kunt u
bladeren (surfen) door de webpagina's van het World
Wide Web. De meest gebruikte browsers zijn Netscape
en Microsoft Internet Explorer. Opvragen van
websites kan op twee manieren: door het intikken van
een URL in de locatiebalk van de browser, of door te
klikken op een link op een webpagina. |
|
C |
|
|
Cache |
De cache van een browser
is een gedeelte van de harddisk waar gegevens die
van het Internet opgehaald worden, zoals webpagina's,
opgeslagen worden. |
|
Cc |
Carbon copy. Als u dit
veld invult stuurt u iemand een kopie van het
originele bericht. De geadresseerde kan dit zien in
zijn cc: veld |
|
Cgi-scripts |
De Common Gateway
Interface is een interface voor programmeurs om
scripts of toepassingen samen te stellen die achter
de schermen op een webserver worden uitgevoerd. Deze
scripts kunnen tekst of andere gegevenssoorten
genereren, soms als reactie op invoer van de
gebruiker of als gevolg van het vinden van
informatie in een database. |
|
Chatbox |
Plaats waar mensen
samenkomen om over een onderwerp te chatten. |
|
Chatten |
Real-time 'babbelen' met
andere computergebruikers door het uitwisselen van
getypte teksten die van alle deelnemers op het
beeldscherm verschijnen. |
|
CMS |
zie "Content Management
Systeem" |
|
Compatible |
Term om aan te duiden
dat programma`s of apparaten met elkaar kunnen
samenwerken of gegevens uitwisselen. Engels voor
compatibel. Wordt meestal gebruikt om aan te geven
of hard- en/of software met elkaar kunnen
samenwerken. Er kan onderling gegevens worden
uitwisselen. Tegenwoordig zijn bijna alle systemen,
zowel hardware als software, compatibel. |
|
Comprimeren |
= Samenpersen
Door het inpakken van bestanden, het kleiner maken
dus, kan het transport van de ene naar de andere
computer sneller plaats vinden. Er bestaan veel
manieren om dit te bewerkstelligen. De meest
populaire zijn: Zip, ARJ, ARC, Pkzip, etc. De
ontvanger van een gecomprimeerd pakketje moet over
het zelfde programma beschikken als de zender om het
pakketje weer uit te pakken. Tegenwoordig zijn er
een aantal programma's die een pakketje zo inpakken
dat het zichzelf kan uitpakken. |
|
Cookie |
Gebruikt om gegevens
tussen twee sessies op te slaan op de harde schijf
van de gebruiker. Het is een klein stukje informatie
van de bezoekende site op de ontvangende computer
opslaan en ook weer (bij een andere sessie) kan
lezen. Cookies worden gebruikt om de bezoekers van
sites te volgen en te identificeren. Ze kunnen als
informatie bevatten: datum/tijd van bezoek, namen
van bezochte pagina's, gekochte producten. |
|
Configuratiescherm |
Het onderdeel van
Windows 9.x (Start/Instellingen/Configuratiescherm)
waarin de belangrijkste computerinstellingen op het
gebied van de randapparatuur, het besturingssysteem
en de software kunnen worden geregeld. |
|
Content Management
Systeem |
Content management is
het proces van het verzamelen/creëren, het beheren
en het publiceren van content (=inhoud). Een content
management systeem (CMS) automatiseert dit proces.
verzamelen/creëren > beheren > publiceren
In een content management systeem zijn content,
vormgeving en structuur van elkaar gescheiden. De
vormgeving is voor een groot deel vastgelegd in
templates (=sjablonen). Een CMS zorgt ervoor dat
content automatisch in de juiste vormgeving en op de
juiste locatie in de structuur wordt gepubliceerd.
inhoud | vormgeving | structuur
Kennis van HTML of andere opmaakcodes of
scriptingtalen is daarbij niet noodzakelijk. Met
behulp van de editor (=tekstverwerker) van een CMS
kunnen teksten rechtstreeks worden aangeleverd.
Een voorbeeld van een contentproces:
Een redacteur levert een nieuwsbericht aan; de
hoofdredacteur redigeert het bericht en publiceert
het; afhankelijk van de houdbaarheidsdatum wordt het
nieuwsbericht automatisch in het archief geplaatst.
De webmaster heeft de nieuwspagina en het archief in
de navigatiestructuur aangemaakt. De vormgever heeft
het template van de nieuwspagina, het nieuwsbericht
en het archief ontworpen.
InternetPlan® heeft ruime ervaring met Content
Management Systemen. |
|
Content provider |
Aanbieder van
elektronische diensten, bijvoorbeeld nieuws of
digitaal winkelen. |
|
Cyber |
Een voorvoegsel dat op
het Internet voor vrijwel elk woord gezet kan worden.
Cyber wordt dan in de volgende betekenis gebruikt:
alles waar computertechnologie bij betrokken is. |
|
Cyberspace |
Een begrip uit de
Science Fiction. De internet betekenis staat voor de
virtuele wereld van aaneengesloten computernetwerken;
omvat alles van het elektronisch onontdekte land en
is voortdurend aan verandering onderhevig. |
|
D |
|
|
Database |
= Gegevensbank.
Een hoeveelheid gegevens, die in één of meer
bestanden bij elkaar staan. Een database is
eigenlijk een elektronische kaartenbak: gegevens
worden op een gestructureerde wijze opgeslagen en
kunnen later op allerlei manieren worden
gerangschikt en via zogenaamde queries opgevraagd. |
|
Dataverkeer |
Dataverkeer bestaat uit het aantal Mb's dat wordt
verbruikt door bezoekers van uw site, het downloaden
van een bestand, het versturen van e-mail en al het
overige Internet verkeer. Bij elk opgevraagd bestand
van uw website worden er gegevens (data) verzonden
naar de computer van de bezoeker. Hoe meer mensen uw
website bezoeken, des te meer gegevens (dataverkeer)
er worden verzonden. Tevens genereert het plaatsen
van uw website dataverkeer. Wanneer u een bestand op
uw website hebt staan van 1 MB en dat wordt 100 keer
gedownload, dan betekent dit in theorie dat u 100 MB
dataverkeer heeft verbruikt. |
|
Default |
Standaardkeuze. |
|
Directory |
Een opbergplaats voor
bestanden en programma's op een schijf. Ook wel
'folder' of 'map' genoemd. |
|
DirectX |
Een door Microsoft
ontwikkelde standaard, gericht op
multimediaprogrammeurs en de kopers van
computerspellen. DirectX wordt gebruikt in plaats
van de normale Windows-aansturing en zorgt voor
multimedia in een zeer hoge kwaliteit. |
|
Digibeet |
Uitdrukking voor
analfabeet op computer-gebied. |
|
Domein |
Domein namen moeten
uniek zijn op het internet. Voor elk top-level (.nl/.be/.com/etc.)
domein is een organisatie aangewezen die de namen
binnen haar eigen werkgebied beheerd. In Nederland
is dat de Stichting Internet Domein Registratie (SIDN).
Er is 1 overkoepelend orgaan, de zogenaamd Internet
Corporation for Assigned Names and Numbers (ICANN).
Een voorbeeld van een
Nederlandse top-level domeinnaam is:
internetplan.nl |
|
Down |
'Down zijn' of 'uit de
lucht zijn'. Een toestand waarin een server geen
diensten kan leveren aan het internet. |
|
Downloaden |
Het binnenhalen van
files van een andere computer naar de harde schijf
eigen computer. De meest gebruikelijke manier om dit
te doen bij het Internet is via FTP. Het
tegenovergestelde heet "uploaden". |
|
Dynamische IP-adressering(DHCP)
|
Als een provider met
dynamische IP-adressen werkt dan, krijgt u elke keer
dat u inlogt door de server een ander IP-adres
toegewezen. |
|
DVD |
Digitale Video (of
Versatile) Disk. Systeem van cd-schijven met daarop
tot 133 minuten video in een veel betere kwaliteit
dan CD-I of VHS. Daarmee moet de DVD de opvolger
worden van de huidige cd in al zijn vormen, maar op
termijn ook van de videoband. De afkorting DVD stond
oorspronkelijk voor Digital Video Disc. Daarna werd
hij ook wel aangeduid als de Digital Verile Disc. De
DVD heeft dezelfde afmetingen als de huidige cd maar
een veel hogere opslagcapaciteit (ongeveer 25 maal
dat van de gewone Compact Disc). DVD zal verschijnen
in diverse varianten. De opslagcapaciteit is
afhankelijk van het type DVD-schijfje. Er zijn DVD-schijfjes
met één opslaglaag aan beide zijden en schijfjes met
twee opslaglagen aan beide zijden. Informatiedrager
met een capaciteit die tot zeventien keer hoger ligt
dan een CD-Rom. |
|
E |
|
|
E-commerce |
Letterlijk elektronische
handel. Term voor handeldrijven via internet. Dit
bestaat uit het raadplegen van catalogussen, het
plaatsten van bestellingen en elektronisch betalen. |
|
Elektronische Snelweg |
Een (inter)nationale
infrastructuur die het mogelijk maakt om snel
informatie te transporteren (bijvoorbeeld glasvezels,
snelle switches, e.d.). De elektronische snelweg
heeft een economische betekenis, omdat goede
voorzieningen voor informatie-uitwisseling voor het
bedrijfsleven erg belangrijk zijn. Het begrip "elektronische
snelweg" wordt vaak ten onrechte gebruikt als
synoniem voor Internet. |
|
E-Learning |
Leren met behulp van ICT
- informatie- en communicatie technologie.
E-learning is het verspreiden van informatie via
alle beschikbare elektronische middelen. |
|
E-Mail |
elektronische post.
Hiermee kan elke Internetgebruiker post versturen
naar internetgebruikers over de hele wereld. Ook kan
hij er bestanden aanhangen (tekst, beeld, video of
geluid) en die meesturen. Het is een goedkope manier
om (zonder papier) over de hele wereld te
communiceren. |
|
E-mail adres |
Om e-mail te kunnen
sturen en ontvangen heeft u een eigen e-mailadres
nodig. Uw e-mailadres is uw eigen 'postbus' op
Internet. U kunt er een huren bij een
internetprovider. Meestal ziet een e-mailadres er zo
uit: uwnaam@provider.land |
|
E-mail server |
Een e-mailserver is een
computer die alle inkomende en uitgaande e-mail
verwerkt. De uitgaande e-mail wordt door de e-mailserver
doorgestuurd naar het juiste adres en de
binnenkomende e-mail wordt bij de mailbox van de
ontvangende partij afgeleverd. De meeste providers
gebruiken twee e-mailservers, een voor inkomende
e-mail (pop3-adres) en een voor uitgaande e-mail (smtp-adres). |
|
Encryptie |
= Versleuteling
Een proces waarbij informatie onherkenbaar wordt
gemaakt om te voorkomen dat onbevoegden de gegevens
bekijken of gebruiken, Er is een sleutel nodig om de
informatie te decoderen. Niet-versleutelde gegevens
noemt men vaak plain text (klaarschrift); de
versleutelde versie is de cipher text (cijferschrift). |
|
Extensie |
De drie (of vier) tekens
achter de punt van een bestandsnaam. Deze tekens
geven aan welk type bestand het is. Bijvoorbeeld:
.txt staat voor tekstbestand en .exe voor
executable. |
|
Eudora |
Eudora is een gratis e-mailprogramma
(vergelijkbaar met Microsoft Outlook) dat u kunt
installeren op uw computer en kunt downloaden van
www.eudora.com. |
|
Extranet |
Verschillende
intranetten samengevoegd tot een soort privé-internet.
Grote bedrijven maken gebruik van het Internet om
hun afzonderlijke netwerken aan elkaar te koppelen.
Netwerk dat een bedrijf verbindt met zijn partners,
klanten en/of toeleveranciers, waardoor
informatie-uitwisseling sneller verloopt. |
|
F |
|
|
FAQ |
= Frequently Asked
Questions
In het Nederlands dus: veel gestelde vragen. Een
database of tekstbestand met daarin alle antwoorden
op vragen, die betrekking hebben op de inhoud van
een site. Als beginnend gebruiker is het beter om
eerst de FAQ's te lezen, voordat je vragen begint te
stellen aan de makers van de site. |
|
Favorieten |
Andere naam voor
bookmark. Deze wordt gebruikt binnen Microsoft
Internet Explorer. Zie ook bookmark. |
|
File |
computerbestand |
|
Firewall |
Veiligheidsvoorziening
dat dient om het lokale netwerk af te schermen tegen
inbraken van buitenaf, en/of gebruikers binnen het
lokale netwerk te beletten om bepaalde adressen op
het Internet te bereiken. Bij het kopiëren van
bestanden van een andere computer naar uw eigen
computer kunt u ook virussen binnenhalen. Om dat te
voorkomen is een FIREWALL een mogelijkheid. Het is
een beveiliging tussen het externe (Internet) en het
interne netwerk (LAN), die probeert te voorkomen dat
onbevoegden toegang krijgen tot het interne netwerk.
Men kan wel van binnen naar buiten gaan, maar niet
andersom. |
|
Flash |
Een open standaard voor
animaties in web pagina's, oorspronkelijk ontwikkeld
door Macromedia. |
|
Font |
Lettertype voor
beeldscherm of printer. Voorbeelden zijn Verdana,
Arial, Times New Roman en Courier. |
|
Forum |
Webpagina waarop
verschillende personen met elkaar van gedachten
kunnen wisselen over een bepaald onderwerp, en
waarop informatie over dat onderwerp beschikbaar is.
Forum is een oud Grieks woord voor een publieke plek,
waar iedereen met elkaar van gedachten kan wisselen. |
|
Forwarden |
Alle e-mailprogramma
bieden de mogelijkheid om een kopie van een
binnengekomen bericht door te sturen naar iemand
anders, al dan niet van toegevoegd commentaar
voorzien. |
|
FTP |
= File transfer protocol
Met FTP (File Transfer Protocol) kunt u bestanden
kopiëren van de ene computer naar de andere. Dit
kunnen programma's zijn, maar ook teksten of
afbeeldingen. Met een FTP-programma kunt u zelf
aangeven met welke server u contact wilt maken, wie
u bent en van welk gedeelte van de server
(directory) u iets wilt downloaden. Tevens kunt u
met een FTP programma bestanden uploaden.
Bijvoorbeeld als u uw homepage on-line wilt zetten,
dan kunt u de bestanden die u op uw computer heeft
gemaakt, uploaden naar de server. Op Internet worden
heel veel bestanden aangeboden, die iedereen mag
downloaden. Deze bestanden staan meestal op het
publieke gedeelte van een server, in directories die
u kunt herkennen aan de aanduiding 'pub' (van
public). Bekende FTP-programma's zijn WS_FTP (voor
Windows) en Fetch (voor de Macintosh). |
|
G |
|
|
Glasvezel |
Kabel van glasdraad,
waardoor digitale gegevens als lichtpakketjes worden
gezonden. |
|
Games |
Spelletjes. Te downloaden
van internet of te koop in de winkel. |
|
Gastenboek |
De mogelijkheid om een
bericht of commentaar achter te laten op een website
na deze bezocht te hebben. |
|
Gateway |
Protocolomzetter. Een
toepassingsspecifiek knooppunt dat netwerken met
elkaar verbindt die eigenlijk incompatibel zijn. Zet
gegevenscodes en verzendingsprotocollen om zodat
interoperabiliteit mogelijk wordt. |
|
Gebruikersnaam |
De naam waarmee men zich
op internet meldt. Ook wel usernaam, loginnaam
(username) of login-id genoemd. |
|
Gif |
Graphics Interchange
Format. GIF is een standaard indeling voor
beeldbestanden op het WWW. De GIF-bestandsindeling
is populair omdat de bijbehorende compressiemethode
ervoor zorgt dat de bestanden kleiner worden. |
|
Google |
Populair zoekprogramma
te vinden op http://www.google.com |
|
H |
|
|
Hacker |
Computerkraker. Iemand
met veel kennis van zaken die zonder toestemming
inbreekt in een computersysteem door de
netwerkbeveiliging te omzeilen of te kraken. |
|
Harde Schijf |
Ook wel hard disk (HD)
of vaste schijf genoemd. Het permanente opslagmedium
voor de computer. Een harde schijf is snel en kan
oneindig meer gegevens bevatten dan een diskette. De
omvang wordt aangeduid in megabyte of gigabyte |
|
Hardware |
Verzamelnaam voor alle
fysieke (aanraakbare) onderdelen van een computer en
de randapparatuur. Monitoren, modems, printers en
scanners behoren allemaal tot de categorie hardware. |
|
Header |
Het deel dat vooraf gaat
aan een email of een nieuwsgroep bericht. De header
bestaat uit een aantal regels met administratieve
informatie over herkomst, route, omvang, enz. van
een emailbericht. Te vinden bovenaan het bericht. |
|
Homepage |
Een homepage is
officieel is de eerste pagina van een website. Veel
providers bieden hun klanten de mogelijkheid een
eigen homepage op hun server te plaatsen. U moet
inloggen met uw FTP-gegevens die u van uw provider
krijgt. U komt vervolgens uit in uw directory en
kunt uw homepage uploaden. |
|
Hosting |
Het als een gastheer
(=host) ontvangen van bezoekers op een internet
server. Als iemand uw website opvraagt, zoekt zijn
computer contact met onze server; onze server laat
hem dan uw website zien. Wij hosten in dat geval uw
website. |
|
Hostingprovider |
Bedrijf dat hosting
aanbiedt, zoals InternetPlan® dat doet. |
|
Hostnaam |
Een computer die op een
netwerk is aangesloten, wordt een 'host' genoemd. Of
het nu gaat om een computer met een enorm mainframe
of een PC met een gebruiker. De 'hostnaam' is dus de
naam van die computer. |
|
HTML |
HyperText Markup
Language, de computertaal waarin het World Wide Web
is opgemaakt.
Computers zijn dom. Als mens begrijpt u meteen, dat
u nu de uitleg leest die bij de speciale term "HTML"
hoort. Om te zorgen dat een computer dat ook kan
snappen, moeten mensen zoals ik (webbouwers) teksten
van speciale, verborgen stuurcodes voorzien.
Bijvoorbeeld: <b>deze tekst is vet </b> ziet u als:
deze tekst is vet |
|
HTTP: |
Hypertext
Transfer Protocol
Het protocol waarmee een webpagina wordt verzonden.
Een van de vele protocollen waarmee computers
onderling informatie uit kunnen wisselen. In HTTP
heeft elk document een uniek adres, dat vanuit elke
aan het internet verbonden computer rechtstreeks
opgevraagd kan worden. Door een HTTP adres als
hyperlink op te nemen in een HTML document, is een
klik met de muis voldoende om naar het nieuwe
document te springen. Fantastisch, toch? |
|
Hyperlink |
Een gemarkeerde tekst of
afbeelding die is gekoppeld aan een ander document. |
|
Hypertekst |
Tekst met hyperlinks
naar andere documenten. HTML documenten op het
internet zijn hypertekst, maar Windows-help teksten
ook. Hypertekst biedt totaal andere mogelijkheden
dan klassieke "lees van voor naar achter" tekst.
Bovendien leeft hypertekst in een ander medium (beeldscherm)
dan klassieke tekst (papier). Het redigeren van
hypertekst is een vak apart. |
|
I |
|
|
ICQ |
Populaire chat-software
waarmee via het internet contact met andere
websurfers kan worden opgenomen. Het programma,
waarvan de naam wordt uitgesproken als 'I Seek You'
(ik zoek je), waarschuwt als er bekenden van de
websurfer on-line zijn. Ze kunnen vervolgens contact
met elkaar opnemen, korte berichten uitwisselen of
uitgebreid chatten. |
|
Inbel provider |
Een internet service
provider die gespecialiseerd is in het aanbieden van
consumenten aansluitingen op het internet |
|
Inloggen |
Het aanmelden van een
computer bij een andere computer, bijvoorbeeld die
van de provider. |
|
Interactief |
Er is een wisselwerking
tussen de websitebesoeker en de computer. Bijv. een
leerling maakt een oefening en krijgt direct
feedback en/of advies. |
|
Internet |
"Inter" is Grieks voor "tussen".
Internet is het tussen-netwerk, het netwerk dat
netwerken met elkaar verbindt. Het internet werd
eind jaren '60 bedacht door het Amerikaanse
ministerie van defensie (toen noemden ze deze
voorloper van het huidige internet ARPA). De bouw
van het internet werd in de jaren '70 en '80
gedragen door de academische wereld, met een
bijzondere rol voor de Unix software van de
universiteit van Berkeley, Californië. De grote
publieke doorbraak kwam in de jaren '90, nadat Tim
Berners-Lee het world wide web uitgevonden had. Het
world wide web is maar één van de gebieden van het
internet. Andere gebieden zijn: email, FTP (file
transfer), IRC (chat), telnet, usenet, etc. |
|
Intranet |
Netwerk binnen een
bedrijf of organisatie op basis van
internettechnologie, dat al dan niet verbonden is
met het internet. |
|
IP-adres |
Elke computer die is
aangesloten op het internet heeft een eigen, uniek
nummer, het zogenaamde IP-nummer, ook wel IP-adres
genoemd. IP is de afkorting voor het Engelse begrip
Internet Protocol. Het IP-adres bestaat uit 4
getallen met waarden tussen 0 en 255, gescheiden
door punten. Bijvoorbeeld 213.244.184.151. Aan de
hand hiervan weten routers (de computers die het
dataverkeer op Internet regelen) welke datapakketjes
naar welke computer gestuurd moeten worden. Er zijn
geen twee computers met hetzelfde IP-adres, zodat
elke computer uniek is. Omdat mensen wat meer moeite
hebben dan computers met het onthouden van nummers,
zijn er namen (url's) gekoppeld aan de IP- nummers,
bijv. www.internetplan.nl. U kunt dus in plaats van
de URL ook het IP-adres invullen om de webpagina op
te vragen. Omdat IP-adressen geld kosten, werken de
meeste providers met het systeem van de dynamische
IP-adressen. Dit systeem houdt in dat u telkens als
u inlogt een ander IP-adres toegewezen krijgt .
U kunt ook een vast IP-adres aanvragen. Dit houdt in
dat er bij de provider een IP-adres alleen voor u
gereserveerd wordt. |
|
IRC |
IRC ofwel Internet Relay
Chat, is de babbelbox-structuur op Internet. OP IRC
kletsen mensen over de hele wereld via toetsenbord
en beeldscherm over hun favoriete onderwerpen. De
zinnen die u typt verschijnen rechtstreeks op de
schermen van alle deelnemers op het kanaal, en u
kunt rechtstreeks meelezen met de soms razendsnelle
discussies. Elke box (kanaal) heeft zijn eigen
karakter. Neem niet zomaar bestanden aan via IRC. Ze
kunnen zeer schadelijke virussen bevatten. |
|
ISDN |
Integrated Services
Digital Network. Digitale wijze van telefonie,
sneller dan gewone telefonie, en met meerdere lijnen
beschikbaar. Niet zo snel als ADSL. Zie ook ADSL. |
|
J |
|
|
Java |
Door Sun Microsystems in
1994 ontwikkelde, platform-onafhankelijke en
objectgeoriënteerde programmeertaal, zeer geschikt
voor internet-toepassingen. |
|
Jpeg |
Bestandsformaat (JPG of
JPEG) voor afbeeldingen waarmee meer dan 256 kleuren
kunnen worden weergegeven en waarin gebruik wordt
gemaakt van compressie. Afbeeldingen in JPG-formaat
worden bijzonder vaak op het internet gebruikt. |
|
Junkmail |
Ongevraagde, meestal
commerciële e-mail, te vergelijken met
ongeadresseerd reclamedrukwerk. De meeste internet-gebruikers
hebben een hekel aan deze brievenbusvervuiling. |
|
K |
|
|
Kabelmodem |
Modem waarmee u niet via
de telefoonlijn, maar via de TV-kabel contact met
Internet kunt maken. Kabelinternet is sneller dan
via de telefoon en u betaalt een vast bedrag,
ongeacht de tijd dat u verbonden bent met Internet. |
|
Kbits |
Eenheid voor de
transportsnelheid: 1 Kbit/s is gelijk aan 1000 bits
per seconde, ook wel genoteerd als Kbps. Grotere
hoeveelheden bits worden per miljoen afgerekend: 1
Mbit/s is dan 1 miljoen bits per seconde, ook wel
genoteerd als 1 Mbps. Op dezelfde manier betekent 1
Gbit/s dan 1 miljard bits per seconde, ook wel
genoteerd als 1 Gbps. |
|
L |
|
|
Laptop |
Letterlijk:
schootcomputer. Een kleine, handzame computer om
overal mee naartoe te nemen. |
|
Licentie |
Het recht om een
bepaalde technologie te mogen gebruiken. Wie
software gebruikt zonder in het bezit te zijn van de
nodige licenties, kan problemen verwachten. In een
licentie worden de rechten van de gebruiker geregeld.
Meestal geldt een licentie voor één systeem, maar er
zijn ook licenties voor meerdere gebruikers
tegelijk. |
|
Linux |
Een gratis en zeer
stabiel en veilig besturingssysteem op basis van
Unix. Werd oorspronkelijk ontwikkeld door Linus
Torvalds, en wordt nog steeds door vrijwilligers en
enthousiastelingen over de hele wereld verder
ontwikkeld. De aandacht voor Linux is aan het eind
van de vorige eeuw enorm toegenomen.
InternetPlan® heeft ruime ervaring met het
ontwikkelen en hosten op Linux-servers. |
|
Link |
Hypertekst link). Een
verwijzing op een webpagina naar een andere
webpagina of een andere informatie bron op Internet. |
|
Login naam |
Uw loginnaam is uw
gebruikersnaam bij websites met persoonsgebonden
diensten. De login naam mag meestal alleen cijfers
en letters bevatten, geen leestekens zoals puntjes,
spaties of streepjes. |
|
Leerling-volgsysteem |
De resultaten van
oefeningen en testen worden opgeslagen in een
database en kunnen gedurende de hele schooltijd door
de betreffende leerling en de docent geraadpleegd
worden. |
|
M |
|
|
Mailinglist |
Automatische
rondzendlijst waarop men zich kan abonneren. |
|
Microsoft |
Fabrikant van
besturingssytemen (Windows) en kantoorprogramma's (o.a.Office
met Word, Excel, Acces, enz.). Eigenaar Bill Gates
behoort de rijkste (en meest geplaagde) mensen ter
wereld. |
|
Mime |
Multipurpose Internet
Mail Extensions. Via MIME blijft de oorspronkelijke
bestandsindeling van een aangehecht bestand
gehandhaafd bij het versturen ervan. |
|
Mirror-site |
Een op internet
aangesloten computer met een exacte kopie van de
informatie op een andere internetcomputer. |
|
Mp3 |
Afkorting van MPEG 1
Layer 3. Dit is een standaard voor de compressie van
44 KHz audiosignalen. Hiermee kan geluid zonder
hoorbaar kwaliteitsverlies tot tienmaal worden
verkleind, waardoor zo`n bestand sneller via het
internet wordt verstuurd. |
|
N |
|
|
Navigeren |
Algemene aanduiding voor
de manier waarop een internet-gebruiker zijn weg
door allerlei websites probeert te vinden. Navigeren
wordt gemakkelijker als de interface van een website
gebruiksvriendelijker is. |
|
Nerd |
Geuzennaan, vaak
onaardig bedoeld, voor begaafde en fanatieke,
sociaal vaak wat onthande computergebruiker. |
|
Netiquette |
Gedrags- en
fatsoensregels voor iedereen die gebruikmaakt van
het Internet, met name voor e-mail, posten in
nieuwsgroepen en chatboxen. |
|
Nieuwsgroep |
Een nieuwsgroep is een
verzameling artikelen of berichten over een bepaald
onderwerp. Het verschil tussen e-mail en een
nieuwsgroep is, dat u met e-mail een bericht stuurt
naar één persoon of een afgebakende lijst van
personen, terwijl een bericht in een nieuwsgroep een
bijdrage is aan een openbare discussie met een
onbekend aantal deelnemers. Met een posting (een
e-mail aan een nieuwsgroep) stuurt u een bericht aan
een lijst waarop mensen zich kunnen abonneren ('subscriben').
Iedereen kan deelnemen aan de discussie. Dat wil
zeggen: iedereen kan de berichten lezen, zelf
berichten plaatsen (posten) of op een specifiek
bericht reageren. Die reactie kan dan weer door
anderen gelezen worden. Deelname aan een nieuwsgroep
is gratis en u kunt elk moment 'unsubscriben'. |
|
Newsreader |
Met een 'newsreader'
kunt u berichten in nieuwsgroepen lezen en posten.
Met de newsreader kunt u zich abonneren op de
discussies die voor u het meeste interessant zijn,
en automatisch de nieuwste berichten naar uw eigen
computer halen. Net als met de meeste e-mailprogramma's
kunt u met een newsreader off-line nieuws lezen en
schrijven. |
|
Newbie |
Een nieuwe, nog
onwetende gebruiker van het Internet. |
|
O |
|
|
Offline |
Zonder dat de verbinding
open staat naar het internet of netwerk. Dit kan
zijn via een telefoonlijn of kabelmodem. |
|
Online |
Als je
internetverbinding aan staat, ben je online. |
|
Open-source |
Computerprogramma's
waarvan de broncode vrijgegeven is om op die manier
gezamenlijk verder te kunnen ontwikkelen en dus ook
gezamenlijk profijt van te kunnen hebben.
Bijvoorbeeld Linux, PHP-Nuke, MySQL, enz. |
|
P |
|
|
Pad |
De volledige
beschrijving van de locatie van een bestand op een
computer. Een pad ('path' in het Engels) is een
soort routebeschrijving naar het bestand. |
|
Patch |
Patches ('lapjes') zijn
door softwarefabrikanten ontwikkelde programma's
waarmee fouten (bugs) in hun software worden
verholpen. |
|
Plug-in |
Aanvullende software van
andere fabrikanten waarmee bijvoorbeeld een browser
extra functies krijgt. |
|
Pop-3 |
Post Office Protocol. De
standaard voor het ophalen van elektronische
berichten via Internet. Tegenwoordig ook wel POP3
genoemd. |
|
Portal (portaal) |
Een portaal verleent de
toegang tot het Internet. De site is gemaakt is om
als startpagina ingesteld te worden in uw browser.
Een goede portal site biedt veel nuttige links en
diensten. Via deze weg kan u algemene informatie
vinden over allerlei activiteiten in de wereld. Soms
heeft een portaal een bepaald thema met die
doelgroep afgestemde diensten. Bekende portaalsites
zijn bijv. startpagina.nl of Yahoo.
InternetPlan® bouwt o.a. portals gebaseerd op het
opensource portal -systeem van PHP-Nuke. |
|
Proxyserver |
Proxyservers hebben tot
doel de snelheid van de verbinding te bevorderen.
Wanneer bijvoorbeeld een pagina in Amerika wordt
bezocht, wordt deze opgeslagen door de proxyserver.
Wordt de pagina daarna weer bezocht, dan hoeft deze
niet helemaal uit Amerika gehaald te worden. Het
wordt dan gewoon van de proxyserver gehaald. |
|
Protocol |
Afspraak om communicatie
in goede banen te leiden. Als een computer
verbinding maakt met een andere computer, worden er
op basis van een protocol gegevens uitgewisseld. |
|
Public Domain |
Publiek domein, betekent:
voor iedereen beschikbaar. Publiekdomeinprogramma's
zijn gratis. De auteur geeft zonder voorbehoud
toestemming de programma's te gebruiken. |
|
R |
|
|
Robotspider |
Een programma dat
automatisch webpagina's ophaalt en informatie van
die pagina's gebruikt om een index aan te leggen.
Deze indexen worden dan gebruikt door een
zoekmachine. |
|
Reset |
Het opnieuw starten van
de computer en/of van het besturingssysteem. |
|
S |
|
|
Scrollbar |
De scrollbar of
schuifbalk is de balk die rechts of onder een
Internetpagina verschijnt, die u kunt aanklikken en
verschuiven om delen van de pagina die buiten uw
scherm vallen, in beeld te krijgen. |
|
Search engine |
Een zoekmachine bestaat
uit drie onderdelen: een crawler (software robot)
bezoekt web-pagina's en slaat deze op in een
database die vanuit een zoekpagina door het publiek
doorzocht kan worden op trefwoorden. Omdat de
crawler hyperlinks volgt, loopt hij als een spin
(spider) het hele world wide web langs. De database
wordt meestal elke paar weken ververst. Een van de
betere zoekmachines is Google, die op een slimme
manier de populariteit van pagina's meet en daardoor
de meest relevante antwoorden op een zoekvraag boven
aan weet te plaatsen. |
|
Server |
Een krachtige computer
met snelle netwerk verbindingen. Als iemand een
website opvraagt, zoekt zijn computer contact met de
server waar die website op geplaatst is; de server
laat hem dan de website zien. |
|
SMS |
Short Message Service.
Via een Internetpagina kunt U korte berichten (max.
120 tekens) sturen naar een mobiele telefoon. |
|
SMTP |
Simple Mail Transfer
Protocol. De standaard voor het versturen van
elektronische berichten via Internet. |
|
Software |
computerprogramma, bijv.
MS Office. |
|
Spam |
Ongewenste email. |
|
SSL |
Een server die de
mogelijkheid heeft informatie op een beveiligde
manier te ontvangen van een browser. |
|
Startpagina |
De Internetpagina
waarmee u begint zodra u uw browser start. |
|
Surfen |
Rondkijken op het World
Wide Web. |
|
T |
|
|
Timeout |
Een verbinding tussen
twee computers wordt wegens een 'time out'
afgesloten, als er na een vooraf bepaalde periode
niet meer wordt gereageerd door één van beide
computers. |
|
TCP/IP |
Transmission Control
Protocol/Internet Protocol, het op Internet
gebruikte netwerkprotocol. |
|
Telnet |
Telnet is een
tekst-georiënteerde toepassing en verandert uw
computer in feite in een terminal van een andere
computer. |
|
Tutorial |
Gedrukte of digitale
handleiding waarmee de softwaregebruiker aan de hand
van voorbeelden de belangrijkste onderdelen van die
software leert kennen. |
|
U |
|
|
Uitloggen |
Afmelden; het verbreken
van het contact met een andere computer. Is het
tegenovergestelde van inloggen (aanmelden). |
|
Underscore |
Benaming voor het _-teken. |
|
Unzip |
Een bestand unzippen
betekent een bestand decomprimeren dat kleiner is
gemaakt met een compressieprogramma. |
|
Uploaden |
Is het omgekeerde van
downloaden. Bij uploaden stuurt de gebruiker
bestanden van de eigen pc naar een andere computer. |
|
URL |
Uniform Resource
Locator. Het adres van websites op Internet.
Bijvoorbeeld: http://www.internetplan.nl |
|
Usenet |
De grootste en
oorspronkelijke verzameling nieuwsgroepen. |
|
V |
|
|
Virusscanner |
programma dat uw
computer beveiligt tegen computervirussen. |
|
W |
|
|
Wachtwoord |
Woord of tekengroep
waarmee iemand zich kan identificeren als hij/zij
wil inloggen op een netwerk. Zie ook: Password. |
|
WAP |
Afkorting van Wireless
Application Protocol. Een internet-protocol voor
gebruik met draadloze toestellen zoals GSM. Maakt
gebruik van Wireless Markup Language (WML). |
|
Warez |
Verzamelnaam voor
illegaal aangeboden commerciële software, onder
andere bestaande uit Appz (applicaties) en Gamez (spellen). |
|
Wav |
'wav' is de
bestandsextensie die wordt gebruikt voor een aantal
soorten audio-bestanden. |
|
Website |
Een hypertekst
presentatie op het world wide web. Een 'plek' op
Internet bestaande uit verschillende pagina's en
HTML-documenten. Startpunt op een site is de
homepage. |
|
World Wide Web |
Tim Berners-Lee vond in
1989 het world wide web uit. Hij combineerde de
bestaande ideeën hypertekst en internet in een nieuw
protocol: HTTP, het Hyper Text Transfer Protocol.
Berners-Lee leidt nog steeds de verdere ontwikkeling
van het web als directeur van het World Wide Web
Consortium, dat standaarden op het gebied van web
technologie opstelt, zoals HTML en XML. |
|
WYSIWIYG |
Betekent: What You See
Is What You Get. De voorstelling op het beeldscherm
toont precies het resultaat zoals dat door de maker
is ingevoerd. |
|
Z |
|
|
Zoekmachine |
(Search engine,
zoekpagina) Internet-site die de inhoud bijhoudt van
zoveel mogelijk internet-pagina's. Als bezoeker van
een zoekmachine kunt u één of meer zoekwoorden
opgeven, de zoekmachine presenteert dan
internetpagina's uit de verzameling waarin deze
zoekwoorden voorkomen.
Een zoekmachine bestaat uit drie onderdelen: een
crawler (software robot) bezoekt web-pagina's en
slaat deze op in een database die vanuit een
zoekpagina door het publiek doorzocht kan worden op
trefwoorden. Omdat de crawler hyperlinks volgt,
loopt hij als een spin (spider) het hele world wide
web langs. De database wordt meestal elke paar weken
ververst. Een van de betere zoekmachines is Google,
die op een slimme manier de populariteit van
pagina's meet en daardoor de meest relevante
antwoorden op een zoekvraag boven aan weet te
plaatsen. |